Gas verandert in Brussel


Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt nu nog bevoorraad met arm gas, maar daar zal snel verandering in komen. Binnenkort schakelen we immers over op rijk gas. En die omschakeling heeft een weerslag op alle Brusselse gezinnen en ondernemingen. Zij zullen er moeten voor zorgen dat hun toestellen tijdig klaar zijn om te werken met rijk gas.

Plus d'information Meer info

De conversie van de netten en de aanpassing van de binneninstallaties op gas

Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt uitsluitend bevoorraad met zogenaamd “arm” gas, in tegenstelling tot de andere Gewesten die worden bevoorraad met beide soorten gas, “arm” en “rijk”. Beide soorten gas zijn verschillend. Voor eenzelfde volume gas:

  • Bevat het “rijke” gas een hogere energie-inhoud. Het is hoofdzakelijk afkomstig uit Noorwegen, Qatar en Rusland.

  • “Arm” gas heeft een lagere energie-inhoud dan “rijk” gas. België wordt met “arm” gas bevoorraad door Nederland. 

België is niet het enige land dat het arme Nederlandse gas gebruikt: een deel van Noord-Frankrijk wordt ook bevoorraad met arm gas uit Nederland, via het Belgische transportnet, en Duitsland bevoorraadt zich rechtstreeks met arm gas vanuit Nederland. 

Nederland is dus de enige bevoorradingsbron van gas voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en er is slechts één aanvoerroute voor dit type gas. Daardoor vormt de problematiek van de bevoorradingszekerheid voor arm gas een belangrijke uitdaging voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Die uitdaging is nog crucialer geworden sinds de Nederlandse overheden aan hun tegenhangers hebben bevestigd dat ze de export van arm gas geleidelijk aan willen stopzetten vanaf 2020, te beginnen met de export naar Duitsland. De export naar België en Frankrijk wordt met 15% per jaar verminderd vanaf 2024 en zal worden stopgezet in 2030.

De uitdaging voor de veiligheid is nog acuter sinds er een oorzakelijk verband werd vastgesteld tussen het niveau van de aardgaswinning in Groningen en de frequentie van de aardbevingen die in deze zone werden geregistreerd. Sindsdien zijn de productieniveaus beperkt, met het doel de impact van de exploitatie van deze gasvelden op de bewoonde gebieden rond de productiezone te verminderen. 

Het is dus in deze context dat het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zich zou moeten voorbereiden op de conversie van zijn net, rekening houdend met alle implicaties van deze conversie, zowel voor het gedeelte vóór de meter (net van SIBELGA) als na de meter (binneninstallaties van de Brusselse klanten). 

BRUGEL volgt deze problematiek al meerdere jaren. Er werden onder meer studies uitgevoerd en andere studies lopen teneinde de regering te adviseren bij de aanpak van deze problematiek. Een eerste ontwerp van advies van BRUGEL werd ter raadpleging voorgelegd in april 2017. Dit advies op eigen initiatief dat rekening houdt met dit overleg wordt momenteel voltooid en zou in de loop van de maand juni 2017 moeten worden meegedeeld aan de regering. 


De antwoordelementen in dit advies zijn voldoende om de regering meer inzicht te verschaffen in de algemene principes vereist door de omkadering van de problematiek om te komen tot een veilige en gecontroleerde conversie, met een maximale garantie van de veiligheids- en sanitaire omstandigheden van de Brusselaars. 

BRUGEL heeft onlangs een nieuwe studie besteld om:

  • een raming te maken van de kosten van alle operaties (controles, regelingen en aanpassingen) voor het in overeenstemming brengen van de binneninstallaties van de Brusselse klanten en om de diverse relevante financieringsscenario’s te beoordelen;

  • de impact (economisch, sociaal, gezondheid, veiligheid enz.) van het conversieproject op bepaalde categorieën netgebruikers te analyseren en aanbevelingen te formuleren voor de gepaste en specifieke behandeling van elk van deze categorieën;

  • de impact op de werking van de kleinhandelsmarkt voor gas te analyseren en de voordelen van de conversie naar rijk gas in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest aan te tonen.


De resultaten van deze studie worden verwacht in de loop van het tweede semester van 2017 en het is op die basis dat BRUGEL een aanvullend advies zal formuleren over de problematiek